11 april: Lager- of hogeropgeleid? Zoek de verschillen

Tijdens de Nacht van de Filosofie Fryslân in Leeuwarden ben ik één van de sprekers. Het thema van de Nacht is “Verschil en Ongelijkheid” en dat lijkt me een mooi thema om iets te komen vertellen over de manier waarop het onderwijs verschil en ongelijkheid creëert in plaats van elimineert. Ons land wordt immers bedreigd, aldus het Sociaal en Cultureel Planbureau en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, door een tweedeling tussen lager- en hogeropgeleiden. Maar wat voor een onderscheid is dat?

Natuurlijk kunnen we doen alsof deze onderzoekers eindelijk het echte, natuurlijk gegeven onderscheid te pakken hebben tussen enerzijds de mensen met een goed stel hersens en anderzijds de mensen met een meer of minder ernstige verstandelijke beperking. Ons onderwijs is immers gelijkelijk toegankelijk voor iedereen. Dus, tja, als je niet zo slim bent, dan gaan we dat echt wel ontdekken, tegenwoordig. Daar kun je niets aan doen, natuurlijk, als je niet zo slim bent. Maar wij ook niet, denken de hogeropgeleiden er als het ware vanzelf achteraan. Lucky we.

Maar zo gemakkelijk ga ik de hogeropgeleiden hun privileges niet gunnen. Ik zal betogen dat er nog twee heel andere verschillen verstopt zitten in deze tweedeling, verschillen die te maken hebben met ons beperkte inzicht in wat we met ons onderwijs in Nederland aan het aanrichten zijn. Want ‘hoger’ verwarren we met ‘zo lang mogelijk zo ongespecialiseerd mogelijk’. En dat is een uitstekend recept om braafheid te belonen en oorspronkelijkheid, inspiratie en focus te bestraffen.

Dat werpt de vraag op of het nu wel zo slim is om hoogopgeleid te zijn.