6 november: Gevormd of vervormd?

Bij de Rotary in Nijmegen zitten allerlei mensen die zich op boeiende manieren inzetten voor een betere samenleving. Henny van Benthem zit met Media Mail als leerwerkbedrijf midden in het schoolgebouw van VSO Kristallis Aventurijn aan de Hatertseweg 400. Hij vroeg mij of ik bij de Rotary over mijn onderwijsvisie wil komen vertellen, een visie die goed past bij H400. Dat doe ik graag.

5 november: Hoe leer je wat je wilt? Over onderwijs en wilsvorming

Ik heb in Nijmegen twee buiten-institutionele liefdes: het Filosofisch Café Nijmegen en Bildung Nijmegen. Van de redactie van de eerste was ik jaren lid; voor de tweede – die ik heb helpen oprichten – verricht ik nu allerlei vrijwilligerswerk. Beide clubs werken op 5 november samen in een café over de ontwikkeling van de wil.

In het onderwijs wordt er soms zorgwekkend geconstateerd dat jongeren helemaal niet willen leren. Hun motivatie is buitengewoon beroerd. Als het echt moet willen ze nog wel eens een opdracht doen, maar uit zichzelf gaan leren..? No way. Hoe komt dat?

Daar heb ik zo mijn ideeën over en natuurlijk gaan die voor een groot deel over het feit dat het onderwijs helemaal niet uitnodigend is. Leren is zo verschrikkelijk saai; natuurlijk wil je dat niet. Maar het zou ook kunnen, zo betoog ik, dat jongeren nooit hebben leren willen, dat hun wil een aan zijn lot overgelaten infantiel vermogen is. Maar wat betekent dat? Gaat het onderwijs zich dan met de vorming en de ontwikkeling van het wilsvermogen van jongeren bezighouden? Is dat niet de ergste vorm van indoctrinatie? Of is het inderdaad, zoals ik denk, de mooiste vorm van emancipatie?

5 november: Kwaliteit zonder rendement

De Vereniging Kwaliteitszorg VO heeft mij gevraagd de afsluitende lezing te verzorgen op haar landelijke netwerkdag. Dat doe ik graag, omdat ik het jammer vind dat een nadrukkelijk instrumentele kijk op kwaliteit zo overheersend aanwezig is in het onderwijs. We denken dat onderwijs ergens voor is, zoals een schaar, een sauna of een winkelcentrum ergens voor is. Daardoor koppelen we vragen over kwaliteit onmiddellijk aan vragen over functionaliteit en doelmatigheid. Dat blijven we doen, zelfs als we brede doelen omarmen. En we blijven maar verslaafd aan effectmetingen. Die instrumentele kijk vervormt echter ons inzicht in de kwaliteit van onderwijs. We hebben een andere visie op kwalitatief goed onderwijs nodig. Daarvoor zal ik wat bouwstenen aanleveren.

31 oktober: Van controle naar vertrouwen. Durven loslaten

Leve het onderwijs (een grote groep van zo’n 100 vernieuwingsgezinde onderwijsbestuurders) organiseert in het Muntgebouw te Utrecht een congrestival waarop ik een workshot mag organiseren. (Het zijn 2x geen spelfouten, maar neologismen.) Een belangrijk onderdeel van de bijeenkomst is het vaststellen en ondertekenen van een manifest dat het gezamenlijke gedachtegoed vastlegt.

Met dat manifest wil Leve het onderwijs vervolgens een vuist kunnen maken en waarmee op landelijk niveau echt een verschil gemaakt kan worden. Ik hoop van harte dat we iets in beweging krijgen.

30 oktober: Samen op koers?

Ik heb de eer om als keynote spreker een voordracht te mogen houden tijdens het NRO-Congres voor onderwijs en onderzoek in de Jaarbeurs. Dat congres heeft de enthousiaste titel “Samen op koers” meegekregen.

Mijn voordracht heeft dezelfde titel meegekregen, maar dan voorzien van een vraagteken. Het hadden eigenlijk wel twee vraagtekens kunnen zijn, eentje na “Samen”? en eentje na “koers”? Want sinds ik dankzij mijn boek Gevormd of vervormd? in de onderwijswereld verzeild ben geraakt, heb ik gemerkt dat die wereld enorm gepolariseerd is. En volstrekt richtingloos.

Dat gaat dus spannend worden. Ik zal betogen dat cognitie een biologisch en gesitueerd vermogen is dat gericht is op het elimineren van ambiguïteit. Ik zal laten zien dat er in de sociale werkelijkheid – waarin zich de onderwijswereld bevindt – sprake is van een bijzonder soort ambiguïteit: normatieve ambiguïteit. Dat vraagt om een specifieke onderzoekende houding, die niet zozeer om ‘evidence’ draait maar om wederzijds begrip. Dat besef biedt ons de mogelijkheid om ons te bevrijden van de enorme problemen die de ceteris paribus clausule met zich meebrengt in de toepassing van de theoretische abstracties die het standaard onderwijsonderzoek te bieden heeft.

29 oktober: Gevormd of vervormd?

5 christelijke basisscholen hebben mij uitgenodigd om met hun directeuren in gesprek te gaan over vorming in het onderwijs.

Dit is hun aankondiging:

Jan Bransen ziet voor het basisonderwijs als hoofdopdracht ‘het automatiseren van zelfvertrouwen’.  Verder pleit hij ervoor om de eindtoets af te schaffen en te vervangen door een adviesgesprek. Als je er klaar voor bent ga je drie dagen naar school en twee dagen leer-werken, in een niet gedifferentieerde schoolomgeving, alle niveaus’s nog bij elkaar…

Socialisatie, personalisatie en kwalificatie ziet hij als belangrijke elementen van elke vorm van onderwijs, waarbij voor het basisonderwijs socialisatie de belangrijkste is. Hij analyseert scherp ons huidige onderwijs en daar kunnen we best wat van leren. Welke plek kennis heeft in zijn oplossingsrichting en wat dat dan is, dat is een goede vraag…

4 oktober: Omlaag die lat!

Ieder talent telt organiseert op 4 oktober een leeravontuur in Nijmegen. Ze hebben mij gevraagd of ik iets wil vertellen over de keuzestress waarmee studenten tegenwoordig te maken hebben. Ten onrechte, zal ik beweren.

Als je studeert heb je  “de tijd van je leven”: veel vrijheid en weinig verantwoordelijkheden. Het leven lacht je tegemoet. Toch ervaren veel studenten hun levensfase niet als een onbekommerde tijd. Zij denken dat zij extreem hoge eisen aan zichzelf behoren te stellen. Zij moeten zo hoog mogelijke diploma’s halen. Zij moeten dat zo snel mogelijk doen. Zij moeten naast hun studie bovendien ook nog eens alles uit het leven halen. Dag na dag een nieuwe topervaring. Maar waarom? Mensen leven steeds langere levens. Onze jongeren worden straks gemiddeld misschien wel met gemak 90 jaar oud. Vanwaar die haast?

2 oktober: Afscheid van schools leren

Ton Metselaar is dertig jaar directeur geweest in het speciaal onderwijs. De laatste jaren heeft hij binnen het Breda College leiding gegeven aan de vorming van een organisatorische eenheid van drie scholen en een kenniscentrum voor het speciaal onderwijs. Op 2 oktober 2019 gaat hij met pensioen en toen hij begin dit jaar een interview met mij in Trouw las, dacht hij ‘die man wil ik voor een voordracht op mijn afscheidsfeestje uitnodigen’.

Ik zal iets vertellen over de verwevenheid van zijn, kunnen, weten en willen, en over hoe het zo gekomen is dat we in het onderwijs het ‘weten’ zoveel belangrijker zijn gaan vinden dan de andere drie. Vooral het ‘willen’ komt er in het onderwijs bekaaid vanaf, tenminste zolang als je het onderwijs vanzelfsprekend associeert met het schoolse leren. Dat is gelukkig niet meer zo op het Breda College waar leerstof en praktijk niet van elkaar gescheiden worden. Wat dat betreft heeft Ton Metselaar al een tijd geleden afscheid genomen van het schoolse leren. Nu gaat hij dan ook nog afscheid nemen van het Breda College. En hij heeft mij gevraagd of ik iedereen na afloop van zijn afscheidsfeestje met een heleboel vragen wil achterlaten. Want antwoorden… die zijn zo interessant niet.